202011.24
0
1

Digitale handtekening niet altijd geldig

digitale handtekening niet altijd geldig

In de praktijk is men inmiddels behoorlijk vertrouwd met zogenaamde elektronische handtekeningen. De ontstane praktijk maakt het mogelijk dat (contract) stukken door meerdere partijen snel en efficiënt kunnen worden ondertekend, zonder tijdverlies door reizen van de ondertekenaars of door het rondsturen van de te ondertekenen stukken.

Voor elektronische handtekeningen bestaan diverse diensten. Als deze diensten voldoen aan de zogenaamde eIDAS-verordening (EU verordening nr. 910/2014) kan er weinig misgaan, zou je denken. In een recente zaak bij de rechtbank Zeeland West-Brabant ging het toch mis.

Een vennootschap had een lening aangevraagd bij Swishfund. De aanvraag is digitaal via de website van Swishfund ingediend, en is door Swishfund positief beoordeeld. De overeenkomst van geldlening is digitaal ondertekend door de bestuurder van de vennootschap. Omdat de vennootschap haar verplichtingen uit de overeenkomst van geldlening niet volledig nakwam, is die overeenkomst door Swishfund beëindigd. Op 18 juni 2019 is de vennootschap failliet verklaard.

Aan verzoeken van Swishfund om als borg aan haar te voldoen wat vennootschap verschuldigd was, gaf de bestuurder geen gevolg. De bestuurder betwist dat er rechtsgeldig een overeenkomst van borgtocht tot stand was gekomen.

Swishfund stelt dat de borgtocht tot stand is gekomen door een gekwalificeerde elektronische handtekening zoals bedoeld in de eIDAS verordening, maar heeft dit standpunt volgens de kantonrechter onvoldoende onderbouwd. Nu de gebruikte handtekening niet kan worden aangemerkt als een gekwalificeerde elektronische handtekening onderzoekt de kantonrechter of op grond van artikel 3:15a BW en de eIDAS verordening de gebruikte methode voor ondertekening voldoende betrouwbaar is, gelet op het doel waarvoor de elektronische handtekening is gebruikt en op alle overige omstandigheden van het geval. De kantonrechter acht hierbij mede van belang hoe de overeenkomst van borgtocht en hoe de digitale handtekening tot stand zijn gekomen.

De kantonrechter is van oordeel dat het verificatieproces van Swishfund vooral ziet op de contracterende onderneming en in mindere mate op de vertegenwoordigingsbevoegdheid van de afsluiter. Zo beschikt Swishfund enkel over een kopie identiteitsbewijs als enig direct aan de bestuurder te relateren document, is er geen persoonlijk contact geweest en niet is gebleken dat partijen eerder zaken met elkaar hebben gedaan. De door Swishfund gevolgde ondertekeningsmethode levert een groot risico op van misbruik door personen die de beschikking hebben over de e-mailadressen en de bankgegevens van een vennootschap en over de persoonsgegevens van haar bestuurders, aldus de kantonrechter. In het licht daarvan en gelet op het doel waarvoor deze elektronische handtekening in dit geval werd gebruikt, te weten het aangaan van een overeenkomst waarbij de bestuurder zich persoonlijk borg stelt voor de nakoming door de rechtspersoon van haar verplichtingen uit de overeenkomst van geldlening tot een aanzienlijk bedrag, kan deze ‘gewone’ elektronische handtekening niet als voldoende betrouwbaar worden aangemerkt.

Commentaar

De les uit deze uitspraak is niet zozeer dat elektronische handtekeningen van erkende diensten (in deze zaak werd gebruik gemaakt van Adobe Sign) niet betrouwbaar zijn. Indien Swishfund haar standpunt dat er sprake is van een gekwalificeerde elektronische handtekening (van de bestuurder in privé) beter had onderbouwd, zou er waarschijnlijk veel eerder een geldige totstandkoming van een overeenkomst van borgtocht zijn aangenomen. Nu dit niet was aangetoond werd de kantonrechter min of meer gedwongen om wat dieper naar het systeem achter de totstandkoming van deze elektronische handtekening te kijken. Swishfund had de handtekening verkregen via een e-mailadres in combinatie met SMS-verificatie. Dat bleek in dit geval onvoldoende om de bestuurder in privé voor een aanzienlijk bedrag te binden aan een overeenkomst van borgtocht.

Hoewel in deze uitspraak niet wordt ingegaan op de zorgvuldigheid die een partij als Swishfund in acht moet nemen jegens kleine ondernemers, krijg ik de indruk dat dit op de achtergrond toch een rol kan hebben gespeeld bij de oordeelsvorming van de kantonrechter.

Hoe het ook zij, voor wie gebruik maakt van elektronische handtekeningen is het van belang zich er voldoende van te vergewissen dat de handtekening daadwerkelijk afkomstig is van de juiste persoon (bevoegdheid), maar ook dat er een gerechtvaardigd vertrouwen bestaat dat het ondertekende document in overeenstemming is met de wil van de ondertekenaar (wilsvertrouwensleer).

Een gekwalificeerde elektronische handtekening van diensten als Adobe Sign kan helpen bij het bewijzen van contractuele gebondenheid. Garanties tegen onbevoegdheid of wilsgebreken kunnen deze elektronische diensten niet bieden. Maar hoe bezwaarlijk is dat, bij de ouderwetse ‘natte’ handtekening was dat immers niet anders.

Rob van Duivenboden, 24 november 2020

Schrijf je hier in voor onze nieuwsbrief en blijf op de hoogte van de nieuwste blogs. 

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *