Afgelopen 23 maart 2026 is het concept‑Nationaal Beleidsprogramma Ruimte en Energie (NBRP) ter consultatie gepubliceerd (zie deze link). Dit omvangrijke concept-beleidsdocument schetst hoe het Rijk de verplichte verduurzaming van gebouwen in Nederland de komende jaren wil gaan vormgeven, om te voldoen aan de Europese ‘Energy Performance of Buildings Directive’ (de EPBD IV richtlijn). Het concept-NBRP bevat diverse voorstellen en beleidsrichtingen die relevant zijn voor gebouweigenaren, ontwikkelaars, beleggers, woningcorporaties en gemeenten.
Beleidsrichting: van stimulatie naar afdwingbare maatregelen
Europese lidstaten zijn volgens de EPBD IV-richtlijn verplicht om toe te werken naar een emissievrije gebouwde omgeving in 2050. Lidstaten hebben daarbij veel vrijheid om te bepalen op welke wijze dit doel wordt behaald. Vanuit het Rijk (het ministerie van BZK en VRO) is daarom het concept‑NBRP gepubliceerd, waarin een voorlopige invulling aan deze verplichting wordt gegeven. Naast bestaande stimuleringsmaatregelen wil men meer toewerken naar concrete normen en regels om verduurzaming van vastgoed af te dwingen. De gedachte hierachter is dat subsidies en vrijwillige afspraken mogelijk onvoldoende zijn om de klimaatdoelstellingen voor 2030 en 2050 te realiseren. Het programma suggereert daarom een verschuiving richting meer normstelling, met financiële ondersteuning als flankerend beleid.
Het betreft veelal voorgenomen beleid. Onzeker is dus in hoeverre, en in welke vorm, voorstellen uiteindelijk worden omgezet in bindende regelgeving. Desondanks geven de plannen wel een indicatie van de richting waarin wet- en regelgeving zich gaat ontwikkelen. Hieronder een aantal in het oog springende punten.
Op weg naar emissievrije en zeer energiezuinige gebouwen
De EPBD IV-richtlijn vereist dat alle nieuwbouw vanaf 2030 (en nieuwe publieke gebouwen vanaf 2028) moet voldoen aan een nieuwe Zero Emission Building (ZEB) standaard. Voor bestaande gebouwen moet deze standaard uiterlijk in 2050 zijn behaald. Die ZEB-standaard geldt als vervanging voor de huidige BENG-eisen. Hierbij wordt gekeken naar het jaarlijks energieverbruik en de jaarlijkse CO2-uitstoot van gebouwen. Hiervoor moet op nationaal niveau een bepalingsmethodiek worden ontwikkeld. Die methodiek zal naar verwachting in 2027 gereed zijn voor validatie en kostenoptimaliteitsberekeningen. Voor diverse typen gebouwen zullen diverse ZEB-waarden worden vastgesteld. Gedifferentieerd wordt naar nieuwbouw, bestaande woningbouw, bestaande utiliteitsbouw en verbouwing van woning- én utiliteitsbouw. Voor bepaalde type gebouwen wordt een alternatieve aanpak voorzien, afhankelijk van het type gebouw en de gebruiksintensiteit van het gebouw.
Uitbreiding energielabelverplichting utiliteitsbouw
Sinds 1 januari 2023 geldt dat elk kantoorgebouw in Nederland minimaal over een energielabel C beschikt. Deze eisen zullen de komende jaren worden uitgebreid. Het voornemen is om uiterlijk in 2027 nieuwe minimumeisen voor de energieprestatie van utiliteitsbouw vast te stellen, die dan per 2030 en 2033 zullen gelden. Naast kantoorgebouwen zullen ook andere functies binnen de utiliteitsbouw moeten voldoen aan een energielabelverplichting. Denk naast kantoren ook aan winkels, logiesgebouwen, ziekenhuizen, onderwijsgebouwen, sportcomplexen etc. Per 2030 moet de utiliteitsbouw over minimaal energielabel D beschikken en per 2033 energielabel C.
Energielabelverplichtingen voor huurwoningen
Ook voor de huurwoningvoorraad bevat het concept‑NBRP beleidsvoornemens. Zo wil het kabinet verhuurders van woonruimten verplichten om EFG-energielabels uiterlijk per 2029 uit te faseren (uitzonderingen daargelaten). Dit betekent dat per 2029 handhavend kan worden opgetreden ten aanzien van huurwoningen die nog niet over minimaal een energielabel D beschikken. Aansluitend wil het kabinet ernaar toewerken dat huurwoningen vanaf 2040 zullen voldoen aan een energielabel B.
Zonnepanelen en laadinfrastructuur
De EPBD IV stelt regels over verplichte installatie van een zonne-energiesysteem waar dat technisch, functioneel en economisch haalbaar is. De overheid wil deze verplichting nader invullen door een zonne-energie installatie te vereisen voor de opwek van het gebouwgebonden energieverbruik. Deze eisen worden mogelijk al per 31 december 2026 geïntroduceerd voor nieuwe utiliteitsgebouwen van meer dan 250m2 gebruiksoppervlakte. Verplichtingen voor grotere utiliteitsgebouwen, publieke gebouwen, woongebouwen en nieuwe overdekte parkeergarages zullen geleidelijk in de 3 jaren daarna volgen.
Daarnaast wordt aandacht besteed aan de verplichting om bij nieuwe gebouwen te voorzien in laadinfrastructuur, die sinds 2020 haar intrede heeft gedaan. Recentelijk is een uitbreiding van deze verplichtingen in het Besluit bouwwerken en leefomgeving in consultatie gebracht. Het voornemen is om in 2026 de eisen voor laadinfrastructuur bij gebouwen uit te breiden voor nieuwe- of ingrijpend gerenoveerde woningbouw en niet-woningbouw, alsmede bestaande niet-woningbouw. Nieuw ten opzichte van huidige eisen is dat er loze leidingen moeten worden aangebracht richting alle parkeervakken, waarbij voor een deel van die parkeervakken ook bekabeling moet worden geïnstalleerd en voor een (nog kleiner) deel ook complete laadpunten moeten worden geïnstalleerd. Ook gaan er wettelijke normen gelden voor een minimum aantal fietsparkeerplaatsen bij een gebouw.
Verder geldt dat er al nieuwe wetgeving in voorbereiding is, onder meer om besluitvorming binnen VvE’s rondom het plaatsen van oplaadpunten voor auto’s binnen VvE-complexen te versoepelen. Dergelijke besluitvorming vormt momenteel vaak een bottleneck voor verdere verduurzaming.
Slot
Het concept‑NBRP is een omvangrijk maar zeer lezenswaardig document. Naast lopende- en voorgenomen ontwikkelingen op het gebied van beleid- en regelgeving, geeft het document ook inzicht in financiële stimuleringsmaatregelen om de gestelde doelen te bereiken. Ook op het gebied van energietransitie (met name de stimulering van collectieve warmtenetten) bevat het concept-NBRP inzichten.
Tot slot betreft het een consultatieversie waarop tot en met uiterlijk 1 mei 2026 kan worden gereageerd.
Heeft u vragen over verduurzamingsverplichtingen binnen de vastgoedsector? Neem dan vooral contact op met Patrick Dijkink via patrick.dijkink@hyslegal.com of 06 13 94 47 23


